De frietfabrikant levert zijn restwarmte straks mogelijk aan zijn buurman, die hang- en sluitwerk maakt. Het is één van de voorbeeldprojecten om bedrijventerreinen in Venlo te verduurzamen.
Het kleine Lomm als proeftuin voor verduurzaming, wie had dat gedacht? Het voornemen is dat alle bedrijven op industrieterrein Spikweien het regenwater niet meer lozen in het riool. Het wordt gebufferd, gezuiverd en getransporteerd naar het aangrenzend natuurgebied, dat verdroogd is.
Op datzelfde industrieterrein in het Venlose kerkdorpje ligt Aviko, dat bij het produceren van frites veel restwarmte produceert. Die warmte kan het bedrijf de lucht inblazen, maar ook aan de buurman verkopen. AMI kan die warmte gebruiken bij het maken van hang- en sluitwerk.
40.000 werknemers
De voorbeelden worden gegeven door Jacko D’Agnolo, leider van het project om de bedrijventerreinen van Ondernemend Venlo te verduurzamen. Dat zijn er 20, waarop 1250 bedrijven gevestigd zijn en 40.000 werknemers hun brood verdienen. Vanwege zijn omvang is Ondernemend Venlo een ideale partner om te experimenteren met energietransitie en klimaatadaptatie.
Dat vond tenminste de Europese Unie, die een subsidie van 1,4 miljoen euro gaf. De provincie Limburg deed er vier ton bij. Ze stelde wel de voorwaarde dat de kennis en ervaring die in Venlo worden opgedaan, worden gedeeld met de rest van de provincie. Het is aan de overstromingen in juli en de hoge energieprijzen van nu te danken dat het missiewerk van D’Agnolo iets makkelijker wordt. Hij moet de ondernemers overtuigen om te investeren in duurzaamheid.
Energielabel C
Alhoewel: sommige maatregelen zijn wettelijk verplicht. Zo lopen eigenaren het risico dat ze panden niet meer als kantoor mogen gebruiken als die na 1 januari 2023 niet minstens het energielabel C hebben. Ook dienen bedrijven die per jaar meer dan 50.000 kilowattuur stroom of 25.000 kuub gas verbruiken sinds 2019 maatregelen te treffen om energie te besparen. D’Agnolo: „Veel ondernemers weten dat niet.”
Het is volgens D’Agnolo een kwestie van tijd dat de uitstoot van CO₂ door bedrijven een prijs krijgt en meeweegt bij aanbestedingen. Het is zaak om die uitstoot, en dus het energieverbruik, te beperken, meent hij. Vandaar dat Fontys Hogeschool onderzoekt of de restwarmte van bedrijven gebruikt kan worden om onderling uit te wisselen of omliggende woningen te verwarmen.
Waterstof
Waar landelijk 12 procent van de daken op bedrijven belegd is met zonnepanelen, is dat bij Ondernemend Venlo al 16 procent, zegt D’Agnolo. „We willen naar 40 procent.” Vanwege capaciteitsproblemen op het net is het lastig de stroom terug te leveren die niet zelf gebruikt wordt. Onderzocht wordt of de elektriciteit lokaal benut kan worden.
Dat kan door die te leveren aan een laadstation voor elektrische auto’s, maar ook door het opladen van een grote batterij. De stroom kan tevens gebruikt worden om waterstof te produceren. En, zoals met restwarmte, kunnen bedrijven elkaar helpen. Een bedrijf met een groot dak en laag stroomverbruik kan via zonnepanelen de buurman helpen die extra elektriciteit nodig heeft.
Uniek
HAS Hogeschool onderzoekt hoe industrieterreinen natuurlijker ingericht kunnen worden, met vijvers en bomen. De vijvers worden gevuld met water dat door het afkoppelen van regenpijpen niet langer het riool in stroomt. Met het water kunnen de bomen worden besproeid in droge tijden. De bomen zorgen in de zomer voor verkoeling, wat aangenaam voor de werknemers is.
Voor 2024 moeten enkele projecten gerealiseerd zijn, als voorwaarde voor de subsidie. Blauwdrukken van de gebruikte methodes kunnen gebruikt worden om andere bedrijventerreinen te verduurzamen. Topmannen van ondernemingen in Venlo, zoals Canon, Seacon en Leolux, leggen volgende week de gelofte af waarbij ze beloven zich als ambassadeur in te zetten voor een duurzame omgeving. D’Agnolo: „Wat op deze schaal gebeurt, is uniek in Nederland.”